Skip to main content

Artikel 5 – De beroepseer van de accountant

Artikel 5 gaat over de beroepseer van de accountant en goed werk. Het boek begint met drie citaten van niet-accountants die een appèl doen op de accountant en zijn beroepseer: Jeroen Dijsselbloem, minister van Financiën tijdens kabinet Rutte II; Rutger Jeuken, officier van Justitie en Barbara Baarsma, lid van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code. In de inleiding wordt uitgelegd wat beroepseer betekent, hoe beroepseer haar werk doet binnen professionele groepen en waarom men zuinig moet zijn op het eergevoel van professionals.
De centrale vraag van deze bundel is: hoe staat het op dit moment met de beroepseer van de accountant en wat is er (nog meer) nodig om de accountant te helpen in zijn streven goed werk te leveren in dienst van de maatschappij?

Deel I van de bundel geeft een overzicht voor lezers die wat minder goed zijn ingevoerd in het onderwerp accountancy en graag bijgepraat willen worden.
In deel II wordt wat langer stilgestaan bij de vraag in hoeverre de accountant nog een eervolle professie heeft. Na die analyse wordt dieper ingegaan op een aantal ontwikkelingen die gaande zijn in de wereld en die mogelijk van invloed zijn op accountants en hun werk. 
In deel III wordt geprobeerd een antwoord te geven op de vraag of die ontwikkelingen nu een bedreiging vormen of een kans. Een accountant dient zich te verhouden tot meerdere bronnen van regelgeving en moet zuivere afwegingen maken in de dagelijkse praktijk: daarin toont zich de meester. Wat verwachten belanghebbenden van een accountant in de praktijk als wet- en regelgeving hem in de steek laten of achterblijven bij de ontwikkelingen? 
Deel IV gaat om de ruimte die de accountant nodig heeft om zijn werk goed te doen. Die ruimte is sterk afhankelijk van het aantal partijen dat wil meebepalen wat goed werk is. In hoeverre zijn al die goede bedoelingen behulpzaam in de beroepspraktijk? Hoe ervaren accountants die professionele ruimte? De resultaten van een verkennend onderzoek geven daarin meer inzicht.
Deel V probeert een bodem te leggen onder een aantal recente initiatieven binnen het onderwijs. Hoe kan men investeren in de vorming van goede accountants? Hoe doe je dat?
Deel VI behandelt een aantal denkrichtingen om te komen tot scherpere keuzes omwille van het publieke belang.

De beschouwing aan het slot biedt zes uitgangspunten voor een routeplan voor de toekomst van de accountant vanuit het perspectief van beroepseer: een accountant die het publieke belang dient en met gezag zijn verantwoordelijke werk wil en kan doen. Deze accountant vindt zijn werk eervol en stelt hoge morele en technische eisen aan zijn eigen doen en laten, omdat hij in de ogen van anderen en uit zichzelf wil bijdragen aan dat publieke belang. Hij houdt daarbij actief rekening met wat relevante anderen daarvan op zijn best zouden kunnen verwachten. Die anderen kunnen collega’s zijn en de beroepsorganisatie, maar ook de AFM, de aandeelhouders, maatschappelijke organisaties, burgers of het parlement.

Artikel 5 biedt een rijke bundeling aan bijdragen met voornamelijk positieve inzichten, scherpe analyses en verhalen van mensen binnen en buiten de accountancysector. 
Redacteur Margreeth Kloppenburg verwoordt aan het begin – zij is geen accountant – waarom zij zoveel belangstelling voor het vak heeft. Ze schrijft dat “de legitimiteit van het handelen van de accountant voortkomt uit zijn (wettelijke) taak om op te komen voor het publieke belang. Het is wellicht dan ook verstandig om, vanuit ons als publiek gezien, tenminste iets van interesse op te brengen voor dat werk, aangezien wij daar kennelijk een belang in hebben”.
Boeiend is te lezen over het ontstaan van het vak accountant en de behoefte van de maatschappij aan een onafhankelijke controleur en vertrouwenspersoon.

Enkele namen van auteurs aan deze bundel: Arnout van Kempen, Thijs Smit, Martin Martinoff, Marcel Pheijffer, Thérèse Grohnert, Roger Meuwissen, Wim Gijselaers, Henk Scheffers, Frédérique Six, Young Profs, Eric Smit, Boudewijn de Bruin, Arnold Schilder, Christopher Humphrey.

Klik hier voor de volledige digitale versie van het boek Artikel 5 – De beroepseer van de accountant.

Artikel 5 – De beroepseer van de accountant, onder redactie van Margreeth Kloppenburg en Thijs Jansen, een uitgave van Stichting Beroepseer, 250 p., 2017. Het fysieke boek is te bestellen voor € 32,50 bij Beroepseer Vrije boeken: https://beroepseer.vrijeboeken.com

Lees voor een aantal citaten uit het boek de blog van een van de auteurs van het boek:, Marcel Pheijffer op Accountant, 29 december 2017: www.accountant.nl

In de media en recensies

Testimonial “De beroepseer van de accountant”, Thomas van Tiel, directeur Kennis en Ontwikkeling Auditdienst Rijk, Ministerie van Financiën, juli 2018: https://beroepseer.nl

Boek Artikel 5 pleit voor herstel beroepseer accountants, Hogeschool Utrecht, 24 januari 2018https://onderzoek.hu.nl (Niet meer beschikbaar)

MKB-accountant moet beroepseer hervinden: “Je hebt mensen nodig die opletten”, door Charles Sanders, Accountantweek (AW), 17 januari 2018: https://accountantweek.nl

Accountants hebben hun ei van Columbus allang: de beroepseer. Interview met Margreeth Kloppenburg en Arnout van Kempen, door Jeroen Piersma, Het Financieele Dagblad, 15 januari 2018: Klik hier