Nederlandse ambtenaren lijden aan vijf vormen van vervreemding. De Kindertoeslagaffaire toont het duidelijk aan

“Deze casus is in de naoorlogse geschiedenis van Nederland het ernstigste geval waarin het vertrouwen tussen burger en overheid is ondermijnd en aangetast”. In een gesprek met Jelle van Baardewijk op online-zender De nieuwe wereld becommentarieert en analyseert Gabriël van den Brink wat de Kindertoeslagaffaire is gaan heten*). Hij vraagt zich af of politici en bestuurders de ernst van deze affaire eigenlijk wel beseffen.
Van den Brink is hoogleraar wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit. Van Baardewijk is cultuurfilosoof, lector bedrijfsethiek aan Hogeschool Rotterdam en universitair docent maatschappelijke bestuurskunde aan de Vrije Universiteit.

De openbare verhoren door de Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) over de problemen rond de fraudeaanpak van de kindertoeslag vonden plaats in november 2020 en waren online te volgen. Bij dergelijke parlementaire verhoren ondervraagt de politiek de ambtenarij. De Tweede Kamer stelt zich op als inquisiteur. Maar, daar zit een hypocriete kant aan. Immers, de Tweede Kamer, als instituut, is deel van het probleem.

Wat de verhoren lieten zien was de enorme vervreemding die zich heeft meester gemaakt van de ambtenaren en de ambtenarij. En niet zomaar een beetje vervreemding, maar vervreemding in vele opzichten. Van den Brink: “Het woord vervreemding gebruik ik hier met opzet (…) Het komt eigenlijk van Karl Marx die in de 19e eeuw sprak van de vervreemding van de arbeider. Het kapitalisme kwam op en Marx beschrijft in 1844, in de Parijse manuscripten, dat de arbeiders uit die tijd onderhevig zijn aan een viervoudige vorm van vervreemding. Van hun eigen arbeid die hun wordt afgenomen en anders dan zij zouden willen georganiseerd in een fabriek. Ze zijn vervreemd van het product van hun arbeid. Dat wordt verkocht en de kapitalist maakt er winst mee. Ze zijn vervreemd van elkaar want ze concurreren als arbeiders op de arbeidsmarkt en hebben niet meer de solidariteit die werkenden met elkaar eigenlijk van oudsher hebben of zouden moeten hebben. En ze zijn vervreemd van het menselijk wezen.
Dat was toen en we zijn bijna tweehonderd jaar verder en ik denk niet dat die theorie zo nog op het particuliere bedrijfsleven van toepassing is. Maar ik moest eraan denken toen ik deze ambtenaren zag. In hoeveel opzichten zijn zij niet vervreemd? Laten we eens nalopen waaruit dat blijkt”.

Vijf vormen van vervreemding

De eerste vervreemding betreft het doel, het motief, waarom ambtenaren ooit de publieke dienst zijn ingegaan en wat zij ermee gedaan hebben. Hier ligt een grote kloof. De meeste van deze ambtenaren zijn – dat geldt van hoog tot laag – ooit ambtenaar geworden om het algemeen belang te dienen. Wat dat betreft hebben zij het hart op de goede plaats.

Tweede vorm van vervreemding. De ambtenarij is ook gericht op dienen van de politiek. Maar met de politiek mogen ze niet meer spreken. De oekaze van Kok heeft met zich meegebracht dat er geen contact mag zijn tussen Tweede Kamerleden en ambtenaren. Zij moeten zich uitsluitend richten naar hun leidinggevenden. Mensen die eventueel een misstand zouden hebben kunnen signaleren, mogen dat dus niet melden aan de Tweede Kamer. Dat is vreemd, en een vorm van vervreemding.

Derde vorm van vervreemding. Bij de eerste verhoren waren de ambtenaren van de Belastingdienst aan de beurt. Dan is er ook nog een Departement van Sociale Zaken. We hebben de werkelijkheid opgeknipt in silo’s: Financiën, Economische zaken, Justitie, Sociale zaken. Zij hebben allemaal hun eigen beleidswerkelijkheid. Ze werken niet automatisch samen. Dat is ook een vorm van vervreemding, ze zijn vervreemd van elkaar. Als er iets moeilijks langs komt, dan gaat het balletje naar de ander toe natuurlijk. Dat is niet fraai, maar een gevolg van het feit dat er eigenlijk geen vorm van natuurlijke samenwerking tussen de departementen is. En zeker niet bij zo’n ingewikkelde wet.

De vierde vorm is vervreemding van de eigen ambachtelijkheid. Ambtenaar zijn is ook een vak. Je moet een heleboel dingen kunnen en niet alleen de wet kennen, maar weten hoe je processen inkleedt, hoe je met burgers omgaat. Dat is een vak en dat vak is uitgekleed en van zijn inhoud ontdaan. Je hebt ambtenaren die processen aansturen zonder te weten waarover ze gaan. Dat is een vorm van bewust beleid en heeft in Den Haag zijn voetsporen nagelaten. Er zijn ambtenaren die rouleren van het ene onderwerp naar het andere en na zoveel jaar gaan ze daar weer weg. Ze werken eerst bij het Ministerie van Landbouw dat gaat over natuur of over de veestapel en een tijdje later gaan ze naar Justitie. Het is niet mogelijk je te verdiepen in een zaak. Dat is een bewuste keuze geweest. De processen moeten aangestuurd worden. Dat geeft vervreemding van de zaak waarover het gaat.

Ten vijfde. Men is vervreemd van de groepen waarvoor het beleid bedoeld is. De Kindertoeslagaffaire gaat over ouders die hulp nodig hadden en toeslagen kregen. Toch vaak mensen met wat lagere inkomens in de grote steden. De ambtenaren spreken niet met hen maar ze nemen wel beslissingen die gevolgen hebben voor deze mensen. Ze hebben niet eens de verbeelding om zich voor te stellen hoe die gevolgen zijn. Ze houden zich aan de wet, aan de regels, en ze proberen hun werk zo goed mogelijk te doen. Ze staan helemaal los van die wereld. Je ziet op allerlei vlakken ook enorme eenzaamheid, en isolement. Ze handelen wel, en ze zijn bezig met hun werk, maar ze weten eigenlijk niet wat ze doen. Ze zijn helemaal losgesneden van waar het eigenlijk over gaat.

Volg op de video hieronder het hele gesprek met Gabriël van den Brink, waarin hij dieper ingaat op ambtelijk vakmanschap en de noodzakelijke organisatieverandering van de silo’s van de Rijksoverheid. Hoe de overheid zou moeten zijn, in relatie tot de burger, is van het allergrootste belang op dit moment. Ook de rol van de media mag wel eens onder de loep gelegd. Alles wat in de media veel opwinding veroorzaakt, is van voorbijgaande aard. Alles wat er echt toe doet, komt bijna niet in beeld. Daar ligt een taak voor mensen die nadenken, onderzoeken en echt onderscheid weten te maken tussen hoofd- en bijzaken. Het urgente, het nieuwswaardige is niet altijd het belangrijkste.

Aanbevolen boek: Ambtelijk vakmanschap en moreel gezag, door Gabriël van den Brink en Thijs Jansen: https://beroepseer.nl

Noot
*) De Kindertoeslagaffaire: Er zijn grove fouten gemaakt door de Belastingdienst met het toekennen, stopzetten en terugvorderen van kinderopvangtoeslag. De Belastingdienst heeft willens en wetens duizenden ouders gedupeerd en beticht van fraude. Er is nog geen einde gekomen aan de affaire, die nu al anderhalf jaar de gemoederen bezighoudt. Er werden overigens bij de Belastingsdienst zelf al in 2017 vraagtekens gezet bij de harde fraudeaanpak rond de kinderopvangtoeslag, blijkt uit een interne memo.
De Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK), bestaande uit diverse Tweede Kamerleden is in november 2020 gestart met openbare verhoren voor een onderzoek naar politieke en ambtelijke betrokkenheid in deze affaire. Diverse (oud) ministers, staatssecretarissen, ambtenaren en anderen zijn verhoord. De commissie biedt op 17 december 2020 haar verslag met bevindingen aan de Tweede Kamer aan. De Kamerleden kunnen vervolgens op basis van deze bevindingen het debat starten met de verantwoordelijke bewindspersonen. Het debat is gepland voor januari 2021.

Foto helemaal bovenaan: Links Jelle van Baardewijk, rechts Gabriël van den Brink

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief ontvangen?

Wij houden u graag op de hoogte van actuele ontwikkelingen binnen Stichting Beroepseer.  Wilt u onze nieuwsbrief ontvangen? Dan kunt u zich hieronder aanmelden.

Contact

Adres:
Godfried Bomansstraat 8, Unit 15
4103 WR Culemborg

Email:
info@beroepseer.nl

© Stichting beroepseer