Arthur Kleinman over ziel en bezieling in zorg en geneeskunde

Omslag boek The soul of care van Arthur Kleinman

Arthur Kleinman begint zijn artikel in The Lancet met een citaat van schrijver Gabriel Garcia Marquez: “Dingen hebben een eigen leven… Het is gewoon een kwestie van opwekken van hun ziel…”

Het woord ziel is bijna geheel verdwenen uit ons dagelijks taalgebruik. Dat was niet zo in de jaren veertig. Kleinman was nog jong in die tijd en met een tikje weemoed schrijft hij in het artikel The soul of medicine over zijn jeugd en het begin van zijn carrière.
Kleinman (1941) is psychiater en hoogleraar medische antropologie en interculturele psychiatrie aan de Universiteit van Harvard in Cambridge, Massachusetts, V.S.

“Als kind in New York City in de jaren veertig, was het woord ‘ziel’ vaak te horen op school, in de buurt, thuis en op de radio. Ziel had een sterke religieuze connotatie en werd regelmatig gebruikt in zowel de synagoge die ik bezocht als in de kerken die mijn vrouw in haar jeugd bezocht. De sociale kant van de vele gospel-kerkdiensten van Afro-Amerikanen zou in de daaropvolgende decennia aan het woord een sterke morele betekenis geven”.

Morele roeping

Kleinman noemt in zijn artikel de Amerikaanse politieke activist W.E.B. Du Bois die in 1903 zijn baanbrekende werk The soul of black folk publiceerde waarin de ziel wordt beschreven als levend en intens, maar ook als verscheurd. Na de periode van de strijd voor mensenrechten in de jaren zestig – denk aan Martin Luther King Jr – is het woord ziel steeds minder gangbaar, niet alleen in de V.S. maar ook in Nederland.

De huisarts van Kleinman bleek graag te vertellen over zijn beroep, dat hij liever een ‘morele roeping’ noemde, en over de ziel van zijn patiënten, familieleden en collega-artsen. Deze arts van Duits-Joodse afkomst was in het geheel niet religieus; met ‘ziel’ leek hij te bedoelen de morele en spirituele kern van de zieke mens, de verzorger en de geneesheer. Hij was persoonlijk getuige geweest van de ontaarding van ‘de ziel’ van nazi-dokters en herinnerde zich de belangstelling van deze dokters voor een medicijn dat de ziel van het ‘arische volk’ zou kunnen behandelen. Het is een voorbeeld van de wijze waarop een woord kan worden getransformeerd in een gevaarlijke huichelarij.
Het woord ziel betekende voor deze huisarts in het dagelijks gebruik de beleving door patiënten van ziekte als een bedreiging van hun waarden, hun diepste gevoelens en hun geloof.
De tijd waarin Kleinman ging studeren aan de Universiteit van Stanford was deze opvatting van de ziel nog gebruikelijk in de geesteswetenschappen, maar in de sociale en natuurwetenschappen was dat niet het geval. Kleinman ondervond al gauw dat het woord ziel niet meer voorkwam in de medische wetenschappen. Enkele oudere medici gebruikten het woord nog wel eens, vooral als ze wilden klagen over de kwalijke gevolgen van ‘big government’ en ‘big business’, waarmee ze bedoelden het ondermijnen van de genezende taak van artsen.
Kleinman: “Toen ik in de jaren zeventig begon als psychiater hoorde ik het woord nooit bij artsen, zelfs niet als religieuze patiënten en hun familieleden het gebruikten in verband met hun ziekte en als bron van hoop”.

William James

In het in 1890 gepubliceerde magistrale werk Principles of psychology van de Amerikaanse filosoof en psycholoog William James komt het woord ziel niet voor. Daaruit bleek al de dominantie van een materialistische zienswijze in de wetenschappen. James zou later in de Gifford Lectures in Edinburgh waarvoor hij uitgenodigd was, terugkomen op dit verzuim.
De Gifford Lectures (gestart in 1888) worden nog steeds elk jaar georganiseerd in Schotland, in de steden Edinburgh, Aberdeen, Glasgow en St. Andrews. Doel is het bevorderen en verspreiden van de studie in natuurlijke theologie in de breedste zin van het woord. Op de site wordt uitgelegd wat wordt verstaan onder ‘natuurlijke theologie’. De lijst sprekers door de jaren heen is bepaald indrukwekkend te noemen. Van Henry Bergson tot John Dewey, van Richard Dawkins tot Hannah Arendt, van Niels Bohr tot Arnold Toynbee, Paul Ricoeur, Mary Beard en Steven Pinker. Veel lezingen zijn op video terug te luisteren.
In september/oktober 2019 geeft de Australische filosoof, professor Mark Johnston een serie lezingen over ‘Ontotheology as antidote for idolatry’. De slotlezing op 3 oktober 2019 gaat over de intrigerende vraag: How did evil come into the world?

James’ serie lezingen mondde uit in het hedentendage nog steeds inspirerende boek Varieties of religious experience waarin voor de de ziel weer plaats was ingeruimd. Een heel hoofdstuk gaat over de ‘zieke ziel’ en bevat een pleidooi voor de religie als antwoord op ernstige ziekten en andere noden waaraan mensen kunnen lijden. Religie kan helpen te begrijpen waarom er slechte dingen gebeuren en wat de zin is van het kwaad in de wereld.
William James is leermeester geweest van Du Bois.

Wat er echt toe doet

Kleinman haalt een gebeurtenis aan die hij eerder heeft beschreven in zijn in 2007 gepubliceerde boek What really matters: Living a moral life amidst uncertainty and danger. Daarin becommentarieert hij de geschiedenis van een aantal mensen. Een daarvan is bijzonder aangrijpend. Het betreft een advocaat die tijdens de Tweede Wereldoorlog een Japanse legerarts die bezig was een gewonde Japanse soldaat te behandelen, heeft gedood. De advocaat heeft nooit in het reine kunnen komen met zijn daad.
“Ik heb met succes zijn depressie kunnen behandelen”, aldus Kleinman, “maar als jonge psychiater begreep ik niet – en ik ergerde mij er ook aan – dat hij zijn behandeling niet als geslaagd beschouwde. Hij zei dat de therapie niet had geholpen en dat kon ook niet vanwege zijn falen als mens. Pas jaren later toonde wijsheid – geboren uit ervaring en mislukking – mij duidelijk de grenzen van de medicijnen en de psychotherapie die ik had toegepast. Ik herkende mijn professionele en menselijke blindheid voor wat hij had bedoeld met ‘ziel’.”

In essentie bezat deze advocaat een standvastige, morele en gevoelige kern, een spirituele toetssteen, die niet ingewisseld kon worden tegen technische, psychiatrische begrippen.

We hebben ziel nodig

In de loop der jaren heeft Kleinman het ouderwetse woord ziel leren gebruiken. De ziel staat voor de innerlijke, existentiële kern van ons wezen: “Ik durf te beweren dat de huidige wereldwijde crisis in de zorginstellingen te maken heeft met de ziel. Zo zie ik dat tenminste. De alom gehoorde klacht is dat de geneeskunde en de institutionele gezondheidszorg ‘zielloos’ zijn. Daarmee wordt volgens mij bedoeld dat ze er niet in slagen zorg te bieden aan de diepste menselijke ervaringen die zorg nodig hebben, en geen management.
Die klacht, die steeds heviger wordt in onze tijd, is al oud. De socioloog Max Weber had het aan het begin van de twintigste eeuw over het probleem van de dominantie van de institutionele bureaucratie die het dagelijkse leven koloniseert ten behoeve van efficiëntie. Door toepassing van technische rationaliteit bij het categoriseren en besturen van sociale ervaringen zoals ziekte en lijden, worden gewone mensen en professionals gevangen gezet in een ijzeren kooi van rationaliteit die tradities, gevoel en spontaniteit buitensluiten, en volgens Weber wil dat zeggen: menselijkheid. In dit licht bezien, gebruiken we woorden als ‘zelf’, ‘persoonlijkheid’, ‘cognitie’ en ‘aandoening’ in de geneeskunde, en vermijden zodoende de existentiële, morele en spirituele gebieden van ons leven die worden uitgedrukt met het woord ziel”.

Wat er vandaag in de gezondheidszorg gebeurt met zorg is volgens Kleinman ‘zielloos’ omdat de doelen gericht zijn op efficiëntie, kostenbesparing en nieuwe technologieën die de aandacht en de waakzaamheid van de arts opslokken. De druk van te weinig tijd hebben om te luisteren en dingen uit te leggen hebben ernstige gevolgen voor het verlenen van de beste zorg.
Kleinman wijst ook op de huidige experimenten waarin bekeken wordt hoe technologie kwaliteit kan ondersteunen en hoe methoden van kwalitatief zorg verlenen onderdeel kunnen worden van de medische opleiding.
We hebben ‘ziel’ nodig, schrijft Kleinman, vanwege de menselijke factor, het hart van de zorg. We hebben het nodig voor het opwekken van de ziel van patiënten, familieleden en dokters.

Op 17 september 2019 verschijnt Arthur Kleinmans nieuwe boek: The Soul of care – The moral education of a husband and a doctor bij uitgeverij Viking/Penguin Random House.
Het boek is een ontroerende biografie met een liefdesverhaal dat laat zien hoe psychiater en hoogleraar Kleinman de zorg voor zijn vrouw op zich nam toen bleek dat ze leed aan een vroege vorm van de ziekte van Alzheimer. Kleinman ontdekte dat zorg voor de ander verder reikt dan de grenzen van de geneeskunde. Hij werd verzorger en ontdekte waarom zorg zo belangrijk is in ons leven en hoe zorg in onze tijd dreigt te verdwijnen.
Volgens een recensent die het boek al heeft gelezen, laat Kleinman zien dat zorg de ‘menselijke lijm’ is die ons samenbindt, het gezin en de gemeenschap. In zorg kunnen mensen zingeving en voldoening vinden: www.penguinrandomhouse.com

The soul in medicine, door Arthur Kleinman,The Lancet, 24 augustus 2019: www.thelancet.com

Video’s Gifford Lectures: www.giffordlectures.org/videos

Voedsel voor de ziel, voorstelling van Wim Akkermans
Komt ziel weer terug in het Nederlandse spraakgebruik?
In Koffiehuis Larie, het kleinste theatertje van Den Haag en Scheveningen, geeft Wim Akkermans vanaf oktober 2019 een doorlopende voorstelling met liederen, gedichten en verhalen, getiteld Voedsel voor de ziel. Elke vrijdag vanaf 4 oktober van 20.00 – 23.00 uur. Klik hier voor meer details en de opzet van deze  interactieve voorstelling.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Nieuwsbrief ontvangen?

Wij houden u graag op de hoogte van actuele ontwikkelingen binnen Stichting Beroepseer.  Wilt u onze nieuwsbrief ontvangen? Dan kunt u zich hieronder aanmelden.

Contact

Adres:
Godfried Bomansstraat 8, Unit 15
4103 WR Culemborg

Email:
info@beroepseer.nl

Stichting Beroepseer

© Stichting beroepseer